Koude handen

Voicememo Mark #6

28 oktober 2018 | Golden Globe Race

Hallo hoe is het? Ik zit nu onder Nieuw-Zeeland dus hier mijn bericht van over mijn laatste dagen. Hobart was eigenlijk een groot succes, ik vond het super gaaf. Ik heb echt weer nieuwe energie, ik heb zin om te knallen en ik heb zin om hard te gaan. En dat is ook wel een beetje gebleken. Als je lekkerder in je vel zit ga je sneller je zeilen wisselen en ga je sneller harder werken. In vergelijking met als het allemaal tegen zit. Dat is dus wel gebleken. Ik heb lekker gezeild naar Nieuw-Zeeland. Ik heb wel vaak veel wind geweest maar wel uit de goede richting en geen tegenwind, dus dat was helemaal top.

 Ik zal jullie uitleggen ‘wat houdt nou eigenlijk de Zuidelijke Oceaan in?’. Het is eigenlijk een opeenvolging van lagedrukgebieden en wat er eigenlijk gebeurt elke keer is dat er koufronten verschijnen. De wind begint uit het noordwesten/noorden en gaat dan naar noordwest (gaat eigenlijk steeds hetzelfde) en neemt toe in kracht, tot 35-40 knopen. Op het moment dat het koufront passeert draait de wind in 2 minuten tijd van noordwest naar zuidwest. Je vaart dan halve wind of ruime wind. Dan draait de wind zo hard dan vaar je in 1 keer tegen de oude swell van golven in. Dat is echt een ongelooflijk wilde zee en je moet eigenlijk klaar zitten om gelijk te kunnen gijpen. Want de punt van de boot gaat echt onder water als het zo hard waait, er staan er 3-5 meter hoge golven. Als de wind dan draait vaar je daar dus ineens recht tegen in. Je wil echt niet weten wat er dan gebeurt. Zodra de wind naar Zuidwest draait is het een kwestie van heel snel gijpen. Zodra de wind gedraaid is nemen meestal de buien snel af.

 Voordat het front komt heb je veel buien, veel slecht weer. En het is ook moeilijk te zien wanneer het front komt. Want in de uren voordat het front komt heb je eigenlijk constant hetzelfde weer. Constant rijen met wolken. En steeds denk je dit kan een front zijn en dan is het toch weer geen front. Hij komt dus altijd later dan dat je denkt. En als het front er eenmaal is dan houdt het slechte weer meestal op. Het wordt minder met de buien, de squalls blijven nog wel, maar worden wel minder. En de wind wordt ook minder. Dat vind ik eigenlijk de moeilijkste situatie. De zee is echt ruw en je moet dan echt meer zeil gaan zetten. En het klinkt heel raar maar je kijkt constant naar het water om te zien hoe hard het waait. Maar de zee is dan op dat moment zo verschrikkelijk woest en wild dat het heel moeilijk is om aan het water te zien hoe hard het nou echt waait. En het waait altijd hard weet je wel, dus het is heel moeilijk te zien of het nou 30, 25 of 35 knopen is en daarop andere zeile te zetten. Dus dat principe herhaalt zich eigenlijk elke 3 of 4 dagen.

Naar Nieuw- Zeeland toe heb ik twee koufronten over me heen gehad. Dat is wel echt Zuidelijke oceaan weer. En op het moment dat zo’n koufront over me heen komt zit ik op het voordek zeilen te wisselen en te doen. Ik zit meer onder water dan boven water. Dat is wel een dingetje.

 Ik ben nu 47.5 graad Zuid. Dat kan je wel merken ook. Het is echt een heel stuk kouder dan voor ik bij Hobart aan kwam. Vooral met de zuidenwind wordt het zo ongelooflijk koud. Ik ben niet claustrofobisch, maar ik wil heel graag met het luik open slapen als het niet stormt. Tot 35 knopen kan ik gewoon met het schuifluik open slapen, wel met het deurtje erin. En als je dan ruime wind vaart en westenwind hebt dan waait de wind recht de boot in. Maar ja, ik vind het heel vervelend om met het luik dicht te slapen. Dus het wordt het ’s nachts echt mega koud in de boot, maar ja.

Het geluk is dat ik echt hele goede zeilkleding heb. Als ik daarmee naar buiten ga dan kom ik eigenlijk altijd warm weer binnen. Altijd heb ik het heet, alleen mijn handen zijn koud. Dat is wel gaaf dat ik echt goede kleding heb. Verder is het eigenlijk allemaal heel voorspoedig verlopen. Ik wilde heel graag de Foveaux Strait pakken en tussen Stewart Island en het zuidelijk eiland van Nieuw-Zeeland door gaan. Maar ik zou daar een windstilte kunnen pakken en ben uiteindelijk toch aan de onderkant doorgegaan. En eigenlijk de laatste avond dat ik de beslissing heb gemaakt passeerde er een koufront, toen was de wind uit het noorden en door de ondiepte was de zee ruw. Dus ik was blij dat ik meer naar beneden was gegaan want dan kon ik de wind wat meer van achteren pakken.

 Nu ben ik eigenlijk Stewart Island voorbij en heb 40-45 knopen wind. Met ruime wind is 40-45 knopen wind is niet zo erg, als ik maar met de wind mee kan lopen. Dus ja, ik ben super blij. Voor mij is dit het halverwege punt. Ik heb mijn halverwege punt iets opgeschoven. Op het moment dat ik van het oostelijk naar westelijk halfrond ga heb ik het idee dat ik op veilige afstand van Nieuw-Zeeland ben. En nu ben ik op het Westelijk halfrond om naar huis te gaan. Dus dit is mijn halverwege punt. Sinds Hobart heb ik geen chocola gegeten en ik heb nog een zak snoep die ik zou openmaken bij Hobart en dat heb ik ook nog niet gedaan.  Dus ik voel me sterk en dat is wel grappig. Op het moment dat je je sterk voelt kan je jezelf meer inhouden dus dat is wel leuk. Nou ik ga het hierbij laten. Ik spreek jullie over een weekje wel weer voor een update, doei!

 

 

Sponsor worden?